Wat nu met Tereos Syral?

Wat nu met Tereos Syral?

Aalst – De Burchtstraat scheidt de gronden en gebouwen langsheen de Dender met een (naar huidige normen van levenskwaliteit in stedelijke centra) verkeerde bestemming met de (deels geklasseerde) bebouwing richting het oude stadscentrum aan de overkant. Het was ooit de bedoeling dat de historische gebouwen richting centrum de ideale buffer zouden vormen tegen de toen nog vijf bestaande fabrieken op het eiland Chipka (gaande van SASA tot Brouwerij Zeeberg, met in het midden de vroegere Glucoseries Réunies, later Amylum, dan Syral, thans Tereos Syral).

Een nog latere beslissing van het stadsbestuur uit 1976 had grotere gevolgen voor de stedenbouw, de ruimtelijke ordening, de esthetiek en de levenskwaliteit van het stadscentrum. Medio de jaren ‘70 werden gesprekken gevoerd tussen de overheid van toen nog Klein-Aalst en de directie van het toenmalige Amylum over óf herlocalisatie van het bedrijf en herbestemming/herinrichting van de site, óf behoud van het industriële complex. In dit Structuurplan werden drie fabriekssites als renovatiegebied ingekleurd: De Wolf-Cosyns, Brouwerij De Gheest en Amylum. De eerste twee werden inmiddels gerealiseerd (het eerste een stuk zinvoller dan het tweede, waar zonder enig deelplan figuurlijk én letterlijk geknoeid is geworden). De derde site kreeg een onbegrijpelijke vrijbrief om toekomstgericht zowat alles te mogen doen. Misschien was economie toen belangrijker dan ecologie, maar in 2018 gaat dit echt niet meer op.

In 1976 (toen er in de carnavalstoet een bekende groep, De Galante Moilentrekkers, meedeed met als titel “Amaailoemeken” om o.m. de storende geurhinder van Amylum aan te klagen), besliste het toenmalige stadsbestuur van Klein-Aalst om het inmiddels beruchte “plan Amylum 2000” goed te keuren. Het resultaat anno 2017 konden de stadsbestuurders dag aan dag vanuit hun riante burelen in het nieuwe “stadhuis” aan de Werf zelf bewonderen. Ach ja, ook hier hebben gedane zaken geen keer, maar bewoners en bezoekers zitten er wel mee. Kan men nog één centrumstad opnoemen waar dergelijke zware industrie en dito mobiliteit zich in vogelvlucht op 20 meter van geklasseerde gebouwen en op 300 meter van de Grote Markt in zo’n tempo kunnen/mogen ontplooien? Neen!

En dan in oktober vorig jaar het zoveelste sociale onheilsbericht: “Deel van Tereos verhuist naar Frankrijk!”.  Van de 400 jobs werden er nog maar eens 61 geschrapt. Wat sinds 1976 in schijven gebeurde en gebeurt, was en is in feite dat van een aangekondigd proces, waarvoor in 1976 werd gewaarschuwd. Toen werkten er bij Amylum nog meer dan 900 à 950 mensen en straks nog amper 339. In feite was de “overeenkomst Amylum 2000” uit 1976 tussen de stad en Amylum één groot leonisch beding met het leeuwendeel aan voordelen voor de fabriek en het leeuwendeel van de nadelen voor de stad.

Tereos verdedigde zich met het feit dat er de laatste 5 jaar 47 miljoen euro werd geïnvesteerd. Et alors! Dat was tout court voor goedkopere productieprocessen, meer winst en minder personeel. De multinational kreeg van de opeenvolgende stadsbesturen (o.m. in ruil voor sponsoring van alles en nog wat en wat steun her en der) in feite een blanco reuzencheque om wat dan ook te mogen/kunnen doen. De fabriek veranderde evenveel van naam als van uitzicht en hinder. En dan werd ten derde male een deel van de productie naar het buitenland versast. Tereos zegt dat de fabriek in Aalst een sleutelrol blijft spelen in het algemene productieproces, maar wat is dat waard vanwege een wereldspeler met 12.000 coöperatieve bazen, 49 vestigingen in 16 landen en 23.000 werknemers? A propos, dit betekent gemiddeld 470 eenheden per vestiging (Aalst zat daar lang ver boven, maar nu serieus onder). Beslissingen worden ergens ver weg met een vingerknip vlug genomen. Niets is vast, zeker bij multinationals. Wat wel zeker is, is de substantiële ecologische voetafdruk in het stadscentrum, op de ganse stad en langsheen onze enige rivier. Te begrijpen dat het College van Burgemeester en Schepenen het predicaat “Denderend Aalst” recent heeft gewijzigd en van zijn briefhoofd gehaald.

Het werd dan ook echt hoogtijd voor een nieuwe gespreksronde voor de toekomst; een soort Tereos 2030/40/50. De inwoners hebben recht op transparantie, gezonde lucht en een mooie stad. En wat brengt de toekomst? Blijven aanmodderen tot alles volbouwd is en er nog amper personeel tewerk gesteld is of durven nadenken en praten over economie, ecologie, waterhuishouding, mobiliteit, sociaal impact, herbestemming, …

Dit alles met de nodige inspraak van omwonenden, centrumbewoners, gebruikers, bedrijven, overheden, noem maar op. Maar zeker niet “en huit-clos” steeds met twee partijen in een ivoren toren zoals in 1976 (toen aan de Grote Markt en nu kleurrijk aan de Werf!).

Een bezoekje langs Tereos leert dat men reeds met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid en met zwaar materieel en dito materialen volop bezig is met de werken, waaromtrent nog een openbaar onderzoek loopt!

Immer wakkere A.E.P.B.